Wij delen kennis en ervaringen

Column van Pim Beljaars: “Ik en de anderen: duurzame inzetbaarheid begint bij jezelf”

We hebben in onze sectoren en bedrijven de mond vol van duurzame inzetbaarheid. Maar wat is het en hoe werkt dat eigenlijk? Mijn conclusie is dat iedereen zijn of haar eigen (duurzame) inzetbaarheid verdient, maar dat je ook zelf bijdraagt aan die van een ander.

Pim 2 - carroussel 400px

Het is maar een irritant containerbegrip: duurzame inzetbaarheid. Enorm breed. Van persoonlijke ontwikkeling, met plezier de eindstreep halen, ontziebeleid tot een vitaliteitsaanpak. En het gaat uit van het inzetten van werknemers alsof de werkvloer een schaakbord is. Maar bij gebrek aan een betere term doen we het er maar mee.

Om duurzaam inzetbaar te zijn en te blijven moet je eerst jezelf kennen. Dit is de aanbodkant. Wie ben ik, waar word ik enthousiast van, waar ben ik goed in en waar zitten mijn ontwikkelpunten? Dit zijn vragen die je je hele leven achtervolgen en waar sommigen op een gegeven moment berusting en wellicht zelfs gelatenheid in vinden. Het beleidsmatige antwoord hierop is vaak een 'Leven Lang Leren' Ik zal nooit vergeten dat ik, lang geleden, voor een zaal sprak over dit thema en een medewerker riep: "Maar meneer, ik heb al een boek en ga toch niet meer verdienen".

Ook erg handig als je weet wat er aan de vraagkant zit. Wat wordt er van me gevraagd aan vaardigheden, nu en straks? En met name dat straks, is wel een puntje. Het is lastig uit te vissen wat de energietransitie met jou en je werk doet.

Als iemand niet goed functioneert en daarmee niet duurzaam inzetbaar genoeg is, stuurt een manager deze persoon naar de cursus 'Ik en de anderen'. Dit eigenlijk alleen maar om eens goed de vraagkant van die manager en die anderen te verkennen. De kern zit 'm misschien eerder in de cultuur van een afdeling en bedrijf dan in de competenties van de persoon.

Het allerbelangrijkste voor duurzame inzetbaarheid is hoe er met jou in het bedrijf wordt omgegaan en hoe jij omgaat met je collega’s en je team. Een beetje negatief geformuleerd: 'de vis stinkt naar de kop'. In alle DI-projecten waar ik mee bezig ben geweest heeft het mij altijd gefascineerd hoe bepalend management en leiderschapscultuur zijn voor de bevlogenheid en het werkvermogen van medewerkers. En wat collegialiteit doet met werkplezier.

Dus eerst jezelf en dan je werk kennen. En je collega’s en medewerkers behandelen zoals je zelf ook graag behandeld wil worden: met aandacht en respect. Dan komen we er wel.

Pim Beljaars